<< Click to Display Table of Contents >>

24. FOE / DE TERUGKEER (HET KEERPUNT)

 

▬▬▬    ▬▬▬

▬▬▬    ▬▬▬

▬▬▬    ▬▬▬

▬▬▬    ▬▬▬

▬▬▬    ▬▬▬

▬▬▬▬▬▬▬

 

                  HOOFDSTUK 24. FOE / HET KEERPUNT / DE TERUGKEER

                  BOVEN K’OEN, HET ONTVANGENDE, DE AARDE EN HAAR HEMISFEER

                  BENEDEN TSJEN, HET OPWINDENDE, DE DONDER

                  DUS DE AARDE BOVEN EN DE DONDER DAARONDER

 

De tijd van het keerpunt blijkt uit het simpele feit, dat – nadat de donkere lijnen al de lichte mettertijd naar boven toe uitgedreven hebben en de lichte dimensies dreigden weg te ebben – nu weer één lichte lijn, als het ware up to date, van beneden af het teken binnentreedt. De tijd van de duisternis is voorbij en ontwricht. De zonnewende brengt de overwinning van het Licht. Het teken hoort bij de elfde maand, de maand van de winterzonnewende, (December-Januari) waarin de winter taant, incluis de met hem verbonden ellende.

 

HET OORDEEL

 

De Terugkeer. Welslagen breekt aan. Feilloos uitgaan en ingaan.

Vrienden komen zonder blaam. Her en der gaat de weg. Over en weer. Op de zevende dag komt de wederkeer. Bevorderlijk is het, de plank niet mis te slaan en een plaats te hebben, waar men heen kan gaan.

 

Na een tijd van verval komt het keerpunt vliegensvlug. Het sterke licht, dat voorheen was verjaagd, keert plots terug. Er is dus beweging. Alles loopt als volleerd. Deze beweging is echter niet geforceerd. Het bovenste teken K'oen (de aarde en haar have) heeft als karakter de overgave. Er is dus alom een beweging van formaat, een natuurlijke beweging, die als vanzelf ontstaat. Daarom gaat, zelfs wetenschappelijk, de omvorming van het oude wel heel gemakkelijk. Oude dingen, al wat rammelt en rumoert, worden afgeschaft, nieuwe worden ingevoerd; beide maatregelen zijn daarbij niet in strijd, maar in overeenstemming met de tijd en hebben daardoor, zoals het beste zou blijken, ook geen gevolgen die schadelijk lijken. Er worden, terwijl de lichte lijn naar boven stormt, verenigingen van gelijkgezinden gevormd.

 

Maar deze aaneensluiting, ooglijk en-of schromelijk, voltrekt zich volkomen openlijk, de tijd ervoor is gunstig als een tijd van altruïsme, daarom is er geen sprake van zelfzuchtig particularisme en worden er tevens generlei fouten gemaakt, zodat kans bestaat dat men spiritueel ontwaakt. De terugkeer ligt in de loop van de natuur. De beweging is kringvormig van structuur. De weg is, als uit één stuk gegoten, uit de aard van de zaak in zichzelf besloten. Alles komt vanzelf, onder één voorwaarde: als het de tijd ervoor is. Dat is de zin van hemel en aarde.

 

Alle bewegingen (en snap dát eens) voltrekken zich steeds in zes étappes. De zevende etappe brengt dan de terugkeer. Zo komt in de zevende maand elke keer weer na de zomerzonnewende (waarnaar inderdaad het jaar dan weer bergafwaarts gaat) de winterzonnewende; en evenzo op den langen duur komt in het zevende dubbele uur na zonsondergang de zonsopgang. Zo gaat het al myriaden jaren lang. Daarom is de zeven het getal van groot succes van het jonge licht, die ontstaat doordat de zes het getal van de grote duisternis voor oord; als het ware met één vermeerderd wordt. Daarmee, en dat is relevant, komt er beweging in de stilstand.

 

HET BEELD

 

De donder bevindt zich binnen in de aarde: Het beeld van het Keerpunt in zijn werkelijke waarde. Zo sloten de oude koningen alle bekende passen ten tijde van de zonnewende. Handelaren en vreemdelingen reisden niet door het gebied. En de heerser bereisde de provincies niet.

 

De winter-zonnewende werd in China met elkaar van oudsher gevierd als de rusttijd van het jaar, een gebruik dat nog altijd ondanks al het winstbejag bewaard is gebleven in de nieuwjaars-rustdag. In de winter is de levenskracht – gesymboliseerd door het Opwindende, de Donder – nog onder de aarde gesitueerd.

De beweging is nog maar in het allereerste begin. Daarom moet men haar zonder tegenzin door rust versterken in plaats van door te werken, opdat ze dus niet ertoe wordt genoopt dat ze door voortijdig verbruik verloopt. Dit principe, dat men zich beter inperkt en de weer opkomende kracht door rust versterkt, in plaats om te allen tijde te streven naar topprestaties geldt voor alle soortgelijke situaties. De terugkeer van de gezondheid naar een ziekte, die misschien juist ontstond doordat men te veel piekte, het terugkerende begrip in grote of in kleine kring naar een wederzijdse vervreemding: alles moet in het eerste begin in de kiem met tederheid behandeld worden en ontzien, opdat de terugkeer bloesem draagt is dat precies waar de terugkeer om vraagt.