<< Click to Display Table of Contents >>
38. KUI / DE TEGENSTELLING
▬▬▬▬▬▬▬ in haar duur, boven Li, ▬▬▬ ▬▬▬ het Zich-Hechtende, het vuur ▬▬▬▬▬▬▬ beneden Twéi, ▬▬▬ ▬▬▬ het Blijmoedige, het meer ▬▬▬▬▬▬▬ verscheidenheid door eenheid ▬▬▬▬▬▬▬ verbetert de sfeer Het teken bestaat uit oerelement Li, de vlam, die naar boven vlamt sinds anno Domini en het oerteken Twéi, het meer, dat omlaag sijpelt, en dat keer op keer weer. Deze bewegingen brengen verlichting en lopen in een elkaar tegengestelde richting. Verder is dus Li in deze categorie de tweede en Twéi de jongste dochter in de hiërarchie. Ze wonen in hetzelfde huis, van pa en moe, maar behoren toch verschillende mannen toe, daardoor is hun wil, net als al hun gekweel, niet op een gemeenschappelijk doel gericht, integendeel.
HET OORDEEL
De Tegenstelling. Geen bevleugelend peil! Dat is wel bezwaarlijk, maar: in kleine dingen heil!
Als de mensen in hun dagelijkse streven in tegenstelling en vervreemding leven is het onmogelijk, omdat ze ouwehoeren, een groot gemeenschappelijk werk uit te voeren. De opvattingen over alles en van iedereen lopen veel en veel te ver uiteen. Men mag vooral niet bruusk optreden, waardoor het contrast onder al zijn leden vervolgens stellig alleroorden alleen nog maar verscherpt zou worden, maar moet zich beperken op zulk refractair terrein tot geleidelijke werkingen in het klein. Hier is met al dit in gedachten op de lange termijn nog heil te verwachten aangezien met een ‘dat ziet er goed uit’ de situatie niet alle toenadering uitsluit. Hoewel het contrast, dat men dient weg te spoelen, zich in het algemeen als hinderpaal doet voelen heeft het binnen de grenzen van een omvattend geheel als positieve en negatieve pool voor zijn deel met het zicht in het licht van transacties en conjuncties ook zijn goede en belangrijke functies. De tegenstelling tussen hemel en aarde, geest en natuur in hun menselijke waarde: man en vrouw bewerkstelligen wel even door hun vereniging de schepping en de voortplanting van het leven. In de zichtbare wereld der dingen maakt het onooglijk contrast een verdeling in soorten mogelijk, waardoor er dan vervolgens prompt overal weer orde in de wereld komt.
Het Beeld
Boven het vuur, beneden het meer: het beeld van de Tegenstelling over en weer. Zo behoudt de edele, al het oude zeer ten spijt, bij alle gemeenschap zijn individualiteit.
Gelijk de beide oerelementen vuur en water, ook als zij samen zijn, zich toch nimmer vermengen, niet eens voor enkele momenten en dus zelfs op refractair domein, zoals bijvoorbeeld voor De Wijze Raad der Ouden, ieder hun eigen natuur behouden, zo zal ook de ontwikkelde mens door de omgang met andersgeaarden in een gemeenschappelijke belang zich nooit en te nimmer, noch bij vlagen, noch bij wijze van spreken, tot hun peil verlagen; bij alle gemeenzaamheid zal hij toch niemand besparen altijd zijn eigen karakter weten te bewaren. |