61 - Zhong Fu Inner Truth

<< Click to Display Table of Contents >>

Navigation:  IChing > NL >

61 - Zhong Fu Inner Truth

Previous pageReturn to chapter overviewNext page

61. TSJOENG FOE / INNERLIJKE WAARHEID

 

▬▬▬▬▬▬▬

▬▬▬▬▬▬▬

▬▬▬   ▬▬▬

▬▬▬   ▬▬▬

▬▬▬▬▬▬▬

▬▬▬▬▬▬▬

 

Boven Soen, de wind, beneden Twéi, het meer

De grote man is hard als staal en recht als een speer

 

Over het meer waait de wind met een beetje geklater, en hij beweegt de oppervlakte van het water. Zo kunnen warempel zonder wanakkoorden de werkingen van het onzichtbare zichtbaar worden. Het teken bestaat geheel onomstreden uit vaste lijnen zowel boven als beneden, terwijl het in het midden onderbroken – vrij – is. Dat wijst erop dat zonder gemis het hart vrij is van vooringenomenheid, zodat het in staat is tot opname van de waarheid.  Elk van de beide trigrammen daarentegen heeft in het midden een vaste lijn verkregen. Dat wijst op de kracht tot het overwinnen der beperkingen, de kracht van de innerlijke waarheid in haar werkingen.

 

De eigenschappen der trigrammen, zo blijkt, zijn: boven de zachtmoedigheid, toegeeflijkheid jegens de lageren, die niet wordt vermeden, en blijdschap in de gehoorzaamheid jegens de hogeren, beneden. Op zulke toestanden kan men bouwen, ze scheppen de basis van een wederkerig vertrouwen, die de kern van de innerlijke waarheid raakt en uit de aard van de zaak het succes mogelijk maakt.

 

Het teken Foe (waarheid) is eigenlijk het beeld van een vogelpoot, die van bovenaf een van zijn jongen streelt. Dat wekt natuurlijk, daar dit liefdevol, de gedachte aan: broeden. Het ei is hol. De kracht van het lichte moet ernaar streven het leven van buiten naar binnen door te gegeven. Anderzijds moet er van binnen piepklein toch reeds een kiem van leven aanwezig zijn, opdat in dergelijke toevluchtsoorden het leven überhaupt gewekt kan worden. Aan deze gedachten kan men spontaan bespiegelingen vastknopen, die heel ver gaan.

 

HET OORDEEL

 

Innerlijke waarheid: zwijnen en vissen. Heil! Alle Heiligen en Wijzen zijn niet in staat zich te vergissen. Het is bevorderlijk, het grote water over te steken. Bevorderlijk is standvastigheid niet slechts te preken.

 

Zwijnen en vissen hebben de naam het minst van alle dieren voor de mens open te staan, en daarom blijkt dat ze ongeacht langs welke lijn in wezen het moeilijkst te beïnvloeden zijn. De kracht van de innerlijke waarheid moet geijkt werkelijk een hoge graad hebben bereikt, voordat haar invloed en het geboden respect zich daadwerkelijk tot zulke wezens uitstrekt. Als men met net zo weerspannig-onbeleefde en moeilijk te beïnvloeden mensen te doen heeft, berust het geheim van een goed resultaat in dezen daarop, dat men de toegang vindt tot hun wezen. Allereerst moet men zich innerlijk in een mum van tijd geheel vrijmaken van zijn vooringenomenheid, en de psyche van de ander in met name haar kenmerken geheel onbevangen op zich laten inwerken: dan komt men hem innerlijk nader en men begrijpt hem en krijgt vervolgens vat op hem, zodat de kracht van de eigen persoonlijkheid door de geopende poort invloed op de ander verkrijgt.

 

Als op deze wijze alleroorden alle hinderpalen overwonnen kunnen worden, dan kan men werkelijk met zijn persoon claimen ook de gevaarlijkste dingen te ondernemen – zoals het oversteken van het grote water – het zal lukken, en men slaat geen flater. Het is alleen van belang, dat men goed begrijpt, waarop bewust de kracht van de innerlijke waarheid feitelijk berust. Ze is niet identiek met eenvoudige intimiteit of met een stille aanhankelijkheid. Zulke persoonlijke banden, die verbinden, kan men ook onder rovers vinden. Ook in dat geval gaat, naar verluid, er weliswaar een kracht vanuit, maar die leidt niet tot geluk, enkel tot verdoemenis, omdat ze niet onoverwinnelijk is.

 

Elk samengaan om de haverklap op grond van een belangengemeenschap gaat altijd slechts tot een zeker punt, en dan begint het gestunt als een rund.

Waar de belangengemeenschap ophoudt bijstop houdt ook het samengaan eensklaps op, en slaat uiteraard weinig probaat intiemste vriendschap vaak om in haat. Alleen wanneer door de loop van de geschiedenis de grondslag het rechtvaardige – de bestendigheid – is, blijft de band zo vast, dat ze alles overwint, en gaat men uiteindelijk niet toch nog door het lint.

 

HET BEELD

 

       Boven het meer is de wind: dat bepleit

       Het beeld van de Innerlijke Waarheid.  

       Zo bespreekt de edele en de Wijze Raad der Ouden

       De strafzaken om executies op te houden.

 

De wind brengt het water in alle windrichtingen in beweging door erin door te dringen. Zo tracht de edele, in plaats dat hij gaat knechten, wanneer hij de misslagen der mensen moet berechten, hun innerlijke beweegredenen goed te begrijpen, niet om de kat in het donker te knijpen, maar teneinde, en zonder ego-spelletjes te spelen, de omstandigheden liefdevol te kunnen beoordelen.

 

De gehele antieke rechtspraak der Chinesen berustte erop en werd om dit principe geprezen. Een diep inzicht, dat vermag te vergeven, gold als de hoogste rechtvaardigheid in het aardse leven. Dit systeem liet dan ook niet na om alras goede vruchten af te werpen; de opzet was: een zó sterke morele indruk te maken, dat men in deze gang van zaken niet bang behoefde te zijn voor de mogelijkheid van het misbruiken van een dergelijke mildheid. Want deze sproot niet voort uit zwakheid of vrees, maar uit een superieure helderheid van geest.